Dagboek 31 maart 2014

Het waren erg vreemde dagen. Een nagenoeg lege agenda die overvol geraakte. Het is nu zondagavond en zojuist heb ik deel drie van De Joodse Raad bekeken. Tot voor kort was dit de geschiedenis van mijn ouders en mijn grootouders. Ik hoefde niet bang te zijn, want, zo vertelden mijn ouders mij, dit zal nooit weer gebeuren. Maar nu ik de documentaire bekijk zie ik dat het nu weer aan het gebeuren is. Zie ik spoken? Zal de Overheid ons aan de Jihadisten, of hoe dat rapalje ook moge heten, overdragen omdat ze anders zelf gevaar zullen lopen? Die Staatssecretaresse die ons daar in de Tweede Kamer stond te verkopen en het antisemitisme stond te relativeren. Allemaal mooie woorden die ons worden verteld. Hard optreden. Onaanvaardbaar… En ondertussen word ik door kleine islamitische snotaapjes nagescholden, gaan autoraampjes omlaag en worden er foto’s van mij genomen door haatdragende blikken. Wanneer zal de overheid ingrijpen of beter uitgedrukt: willen ze ingrijpen? Ik heb een uitnodiging ontvangen van het comité 4 en 5 mei om aanwezig te zijn in Roermond bij de viering van de Bevrijdingsdag en ’s avonds bij de afsluiting bij het concert aan de Amstel. Maar hebben wij Joden wat te vieren als het inmiddels overduidelijk is dat Nederland niet eens meer langzaam de verkeerde kant opgaat.

Uitgaande sjabbat ging een van onze leden boodschappen doen bij Albert Heijn aan het Euterpeplein. Leest u zelf:

Graag deel ik het volgende met u, omdat ik niet weet hoe ik hier ruchtbaarheid aan kan geven. Ik wil mijn naam en die van de getuige die erbij was, niet vermeld hebben. Dit uit angst dat dit agressieve tuig bij ons thuis langsgaat en m’n gezin komt bedreigen. Ik wil graag dat erop doorgepakt wordt. Het gaat van kwaad tot erger en we voelen ons niet meer op ons gemak.

Gisterenavond (30 maart) na shabbat was ik met de vriend van onze dochter nog even naar de Albert Heijn op het Euterpeplein in Amersfoort. Ik sta daar in een gangpad om wat uit het schap te pakken. Dan loopt een gehoofddoekt Marokkaans meisje van een jaar of 14 langs de kop van het pad, ze kijkt en schreeuwt in het voorbijgaan: “Kankerjood! Free Palestien!” (Geen misspelling). Ik laat m’n mandje staan en loop achter haar aan en zeg met luide stem: “Wat Kankerjood?! Waarom zeg je dat?!”. En dan volgt de ontkenning die ik keer op keer hoor als ik word uitgescholden: “ik zei niks”. Ik zeg “ik zag het je doen! En er is niemand anders hier.”

Ik wil een foto maken van ’t meisje, in verband met aangifte, batterij vergeten op te laden wegens shabbat…Mensen horen mijn luide verontwaardiging en stromen toe. Ook de vriend (16 jaar) van mijn dochter die mee was shoppen. Het meisje krijgt bijval van een Mediterraan type van begin 20. Ik moet rustig doen, is z’n opdracht. De Hollandse shiftleidster komt erbij en vraagt wat er is gebeurd. Ik leg het uit.

Dan een andere jongvolwassen Marokkaan in trainingspak in het gangpad: “Hey vriend, rustig doen, is dat wat jouw boek je leert?!” Ik zeg: “Is dit wat jullie boek dat meisje leert?!”. Een van die gasten zei: “Je moet je boodschappen doen en opdonderen”. Gesluierde moslima’s staan aan de andere kant van het gangpad, eentje vrolijk lachend in mijn richting. Ik zeg: “Wat lach jij?!” De jonge Marokkaan wordt boos dat ik me zo tot deze vrouwen richt. De shiftleidster komt vragen of ik een foto van het meisje heb gemaakt. Kennelijk wil ze dat ik die verwijder, maar ik zeg dat ‘t niet lukte wegens de lege batterij. Ik leg uit dat antisemitisme strafbaar is en dat ik daarom een foto had willen maken. Dat er geen foto was gemaakt, was een probleem minder voor haar.

Ik ga afrekenen. Buiten staat de trainingspak Marokkaan met twee dergelijke gozers mij op te wachten. “Ik wil met jou praten”, zegt hij. Hij wilde niet dat ik tegen z’n gesluierde meiden had gesproken. Ik leg nog een keer uit dat eentje me uitlachte. Ik zeg: “Ik heb hier geen zin in en geen tijd voor”. Een van de twee vriendjes, met een pet en baardje, zegt dat ik niet tegen z’n zusje tekeer had moeten gaan. Ik zeg dat ze me dan geen ‘Kankerjood’ moet toeschreeuwen.

Ik loop richting m’n auto. Dan gaat de Marokkaan met het petje schreeuwen: “Kankerjood!”.

Ik loop terug om te zeggen dat ie z’n mond moet houden. Als ik bij ‘m ben, gaan z’n vuisten in de lucht en zegt ie dat ik moet opdonderen, omdat ie me anders gaat slaan. Haat in z’n ogen, maar dat is natuurlijk interpretatie mijnerzijds… Ik vraag aan Hollands ogende mensen die de winkel uitkomen of ze zien wat hier gebeurt. Ze kijken en lopen angstig en zwijgend weg. Voordat het misgaat komt de vriend van onze dochter ertussen en neemt me mee. Ik zou graag aangifte doen tegen het meisje en de jongeman met het petje. De politie kan beelden opvragen bij de Albert Heijn.

Dit is nu het tweede incident daar: de filiaalmanager van deze vestiging heb ik op 14 januari al gesproken. De 13e was er namelijk iets dergelijks, maar toen afkomstig van een ongeveer 17-jarige moslim medewerkster. Ze vroeg of ik een Palestijns liedje kende. Toen ik zei dat ik geen Palestijnse liedjes ken, zei ze lachend: “oh, u bent Jood of niet?” (NB. Ik draag altijd en overal een keppel). Ik antwoordde bevestigend en rekende af. Toen ik even stond te beseffen wat hier nou eigenlijk gebeurd was, schreeuwde ze me na: “Free Palestien”. Toen brak m’n spreekwoordelijke klomp. Ik heb een foto van haar gemaakt om die aan de bedrijfsleider te kunnen laten zien. Die moest ik van de shiftleidsters wissen, om die reden vroeg ik om haar naam. De filiaalmanager heeft me de volgende dag goed ontvangen en me verzekerd dat hij een minder leuk gesprek met de bewuste meid zou hebben, van wie ik de naam had gekregen van de shiftleidsters. Dit meisje van het eerdere incident was de avond van 30 maart ook in de winkel.  Ze liep nu trouwens zelfgenoegzaam lachend in de winkel, maar niet in haar uniform. Ik denk dat ik niet meer met een keppel op naar die winkel kan gaan. Daar wil ik eigenlijk ook niet meer komen, wegens de bedreigende nasmaak. Dat steekt.

Ik heb er slecht van geslapen. Omdat er iedere dag weer iets is. En in dit geval persoonlijk.

Wat heb ik hieraan toe te voegen? Ik ga morgen naar de Albert Heijn, proberen de bedrijfsleider te spreken om te zoeken naar een oplossing.

 

Reacties

  1. Wat erg. En wat eng. Ik weet verder niets te zeggen maar wilde even mijn stem laten horen dat ik dit verschrikkelijk vind omdat dit zo echt op de persoon gericht was. Hoe was het gesprek met de bedrijfsman?

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten

Populaire posts