Dagboek van de rabbijn 19 augustus 2026

Dagboek van de Opperrabbijn, 19 augustus 2026

Ik heb besloten om vandaag te spijbelen, maar natuurlijk niet ten koste van mijn dagboek. En al peinzend over hoe ik dat moet aanpakken, werd ik gebeld door Jacob Schermers. Hij is de uitvinder van de solidariteitswandeling die na 7 oktober in Amersfoort iedere donderdagavond wordt gelopen van het stadhuis naar de Synagoge. Maar het is niet bij Amersfoort gebleven. Momenteel wordt er al op achttien plaatsen gelopen en ik probeer minstens een keer met iedere wandeling mee te lopen om de deelnemers te bemoedigen en om onze dankbaarheid te tonen.

Jacob belde mij naar aanleiding van de wandeling in Putten. In mijn dagboek had ik geschreven dat de vlag van Israël door het organiserend comité bijna onzichtbaar werd verwijderd. Ik weet zeker dat het organiserend comité Israël een warm hart toedraagt, maar om rellen te voorkomen ligt de nadruk op solidariteit met de Nederlandse Joden, en dus geen Israëlische vlag.

Ons gesprek leidde tot een soort opiniestuk van Jacob. En omdat Jacob (zijn voornaam) en Jacobs (mijn achternaam) maar een letter verschillen, houd ik verder mijn digitale pen, gun mezelf dus een dagje dagboekrust en geef graag het woord aan:

 

Jacob Schermers, initiatiefnemer Solidarity Walk!

 

“Gisterochtend belde ik met opperrabbijn Binyomin Jacobs, naar aanleiding van zijn recente column over de solidariteitswandeling. Ik had een vraag die opduikt in bijna elke stad waar Solidarity Walk begint: lopen we met Israëlische vlaggen?

Het is een echte vraag. Sommige deelnemers dragen die vlag met liefde. Anderen aarzelen, zeker in steden waar de wandeling net start. Sommigen vragen zich af of zo’n vlag niet juist extra aandacht (en risico) trekt.

Ik legde de rabbijn voor hoe wij erin staan. Wij lopen voor het Joodse volk en wij geloven dat het bestaan en bestaansrecht van de staat Israël Gods eeuwige wonder is. Wie een Israëlische vlag wil dragen, draagt die. Tegelijk stemmen we af met de politie en beginnen we in nieuwe steden bewust rustig, precies om te voorkomen dat de wandeling zelf het doelwit wordt. In de ene plaats is dat een grotere zorg dan in de andere. Zichtbaarheid en aanwezigheid zijn het doel, niet de confrontatie. De rabbijn hoorde het aan en vond het een begaanbare weg. Nuchter, zoals altijd.

Maar het echte antwoord op mijn vraag stond diezelfde week al in zijn dagboek. Hij had zich verslapen, schrijft hij. Het ochtendgebed thuis zat er niet meer in, dus bad hij op Schiphol. Midden in de drukte, met gebedsmantel en gebedsriemen, vijftig minuten lang. Bijna niemand zag hem staan. Behalve één Joods gezin dat op weg was naar Curaçao. Vlak voor hun vakantie hadden ze de mezoeza van hun buitendeur gehaald. Zo'n kokertje bevat de woorden uit Deuteronomium 6, te beginnen met: "Luister, Israël! De HEERE, onze God, de HEERE is één!" Ze wilden niet met hun jodendom te koop lopen, vertelden ze hem. Geen antisemitisme uitlokken.

En toen zagen ze een rabbijn die gewoon stond te bidden tussen honderden reizigers. Na afloop raakten ze in gesprek. Hun besluit: na de vakantie gaat de mezoeza terug aan de deur. Zichtbaar.

Lees dat nog eens. In Nederland, in 2026, haalt een gezin de woorden van God van zijn deurpost omdat ze niet weten of dat nog veilig is. Dat is precies waarom wij soms aarzelen met vlaggen. Niet uit schaamte, maar om de veiligheid van alle deelnemers te waarborgen. En tegelijk is de les van de rabbijn glashelder: één zichtbaar mens kan een heel gezin helpen.

Kijk dan wat de rabbijn doet. Hij klaagt niet. Hij schrijft dat ieder obstakel "een beproeving, een valkuil of een kans" is. Hij hield geen betoog tegen dat gezin. Hij stond daar, zichtbaar, en deed wat hij elke ochtend doet. Dat bleek genoeg. Met zijn zichtbaarheid gaf hij een heel gezin zijn moed terug.

Het bleef niet bij die ene ontmoeting. In het vliegtuig daarna besloot zijn buurman, na jaren afwezigheid, dit jaar met Rosj Hasjana weer naar de synagoge te gaan. Gewoon omdat er een rabbijn naast hem zat die zijn jodendom niet verstopte.

En daar ligt misschien wel het antwoord op de vlaggenvraag. Niet in allerlei reglementen, maar in een oprechte houding. Zichtbaar zijn is op zichzelf geen provocatie. Elke keer dat iemand zichtbaar naast en achter het Joodse volk gaat staan, durft ergens anders iemand zijn mezoeza weer op te hangen. Of zijn keppel weer op te zetten.

Dat is precies ons verlangen bij Solidarity Walk: in zoveel mogelijk plaatsen in Nederland zichtbaar achter de Joodse gemeenschap staan. Elke week lopen we van stadhuis via kerk naar een synagoge of een andere plek die verband houdt met de Joodse gemeenschap. Stil, biddend, zichtbaar. Met vlag, zonder vlag, dat maakt niet het grote verschil. Want dat je er staat, dat maakt wel het verschil.

Voor christenen ligt hier een opdracht. Als onze Joodse landgenoten de woorden van God van hun deurpost halen, kunnen wij niet doen alsof dat hun probleem is. Jesaja schrijft: "Omwille van Sion zal ik niet zwijgen" (Jesaja 62:1). Wij kunnen die angst niet wegnemen. Wel kunnen we zorgen dat niemand van hen alleen staat.

De rabbijn eindigt zijn dagboek met een zin die blijft hangen: "overal liggen kansen." Op Schiphol lag er één, tussen honderden haastige reizigers. Hij pakte hem door gewoon te gaan staan.

Die kans ligt er in elke stad in Nederland, elke week weer. Met of zonder vlag. Kom een keer meelopen. Wie weet gaat ergens een mezoeza weer aan de deurpost, omdat jij zichtbaar was.”

 

Uploaded Image

Reacties

Populaire posts